Thema's > Bestuurlijke organisatie
Nationaal bestuur
Slowakije is een parlementaire republiek met een
president aan het hoofd. De republiek bestaat in haar huidige vorm pas sinds 1
januari 1993, toen de Tsjecho-Slowaakse Federatie werd opgesplitst in twee
onafhankelijke republieken: Tsjechië en Slowakije. Door wijzigingen in de
constitutie in september 1998 wordt de president direct gekozen voor een periode
van vijf jaar. De macht van het staatshoofd is relatief beperkt. De uitvoerende
macht ligt bij het kabinet. Aan het hoofd van de regering staat de premier, die
door de president wordt aangesteld. De premier is veelal de leider van de
grootste partij of van een coalitie. De wetgevende macht berust bij het
parlement, de Nationale Raad (Národna Rada Slovenskej Republiky). Het parlement
heeft één kamer en bestaat uit 150 afgevaardigden, die rechtstreeks worden
gekozen voor een periode van vier jaar. De premier draagt het kabinet voor, dat
vervolgens door de president wordt aangesteld.
Regionaal bestuur
Slowakije is ingedeeld in acht regio's, de zogenaamde 'kraje':
Banskobystricky, Bratislavsky, Kosicky, Nitriansky, Presovsky, Trenciansky,
Trnavsky en Zilinsky. Elke regio is genoemd naar de hoofdstad.
De regio's bestaan uit in totaal 79 districten. Ook de
districten hebben de naam van de hoofdstad van het betreffende district. In het
kader van de decentralisatie krijgen regio's steeds meer taken, waaronder die op
het gebied van onderwijs, cultuur en gezondheidszorg. In september 2004 vond de
fiscale decentralisatie plaats, waarbij de regio's en gemeenten het grootste
gedeelte van de opbrengst van de inkomstenbelasting toegewezen kregen. De
regio's en gemeenten vervullen ook een rol bij de programmering en besteding van
de EU-structuurfondsen.
Politieke situatie
Rudolf Schuster werd op 29 mei 1999 de eerste direct gekozen president van
Slowakije. In september 2002 vonden de parlementsverkiezingen plaats. De snelle
formatie leidde tot het tweede kabinet van Mikulas Dzurinda, de premier. De
linkse partijen uit de vorige regering haalden de kiesdrempel van 5 procent
niet. Vier centrumrechtse partijen vormen samen een kleine meerderheid van 78
van de 150 zetels. De Democratische Christenunie (SDKU) van Dzurinda behaalde 28
zetels en vormde met de Hongaarse Coalitiepartij (SMK, 20 zetels), de
Christen-democratische Beweging (KDH, 15 zetels) en de Alliantie van Nieuwe
Burgers (ANO, 15 zetel) de nieuwe regering. Evenals tijdens de vorige
verkiezingen in 1998 wisten samenwerkende partijen de populistische partij, de
Beweging voor een Democratisch Slowakije (HZDS) buiten de regering te houden.
Ondanks de daling van de populariteit bleef HZDS, van de autocratische
oud-premier Meciar, met 19,5 procent van de stemmen de grootste partij van
Slowakije.
Het huidige centrumrechtse kabinet kan gemakkelijker snelle
hervormingen doorvoeren, die de linkse partijen uit het vorige kabinet afremden.
De regeringsinspanningen richtten zich op de toetreding tot de EU en op
fundamentele hervormingen van het belastingstelsel, het pensioen- en
socialezekerheidsstelsel, de gezondheidszorg, de afronding van de privatisering
van overheidsbedrijven, de deregulering van de water- en energieprijzen en de
voltooiing van het territoriale decentralisatieproces, waaronder de fiscale
decentralisatie.
In april 2004 vonden in Slowakije de presidentiële verkiezingen plaats. In de
tweede ronde is Ivan Gašparovič met 59,9 procent van de stemmen gekozen tot
nieuwe president en volgde met ingang van 15 juni Rudolf Schuster op. Ivan
Gašparovič is de leider van de Beweging voor Democratie (HZD). Gašparovič was
woordvoerder van het parlement ten tijde van de Meciar regering. Hij verliet de
HZDS van Meciar en richtte zijn eigen partij HZD op. In 2006 vinden de
parlementsverkiezingen plaats.
Rechtssysteem
De rechterlijke macht is onafhankelijk. Het hoogste rechtelijke niveau is de
Hoge Raad. De leden daarvan worden gekozen door het parlement. Het
Constitutionele Hof ziet toe op zaken met betrekking tot de grondwet. De
rechters van het Constitutionele Hof worden door de president gekozen uit een
groep die wordt voorgedragen door het parlement. Rechters worden benoemd voor
onbepaalde tijd.